qt-tk-wins-golden
De Hoge Raad doet uitspraak omtrent vergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag
01 December 2009

In augustus 2009 hebben wij reeds een update gegeven over de stand van zaken in de jurisprudentie omtrent de vergoeding bij kennelijk onredelijk ontslagprocedures.

Kort gezegd, was de discussie hoe de vergoeding bij een kennelijk onredelijk ontslagprocedure moest worden berekend: aan de hand van de kantonrechtersformule (de zogeheten ABC-formule) of aan de hand van een aangepaste formule (de XYZ-formule).

De laatste formule werd vervolgens door het Hof ’s-Gravenhage enerzijds en de hoven te Amsterdam, ’s-Hertogenbosch en Arnhem op verschillende wijzen berekend. Zo hanteerde het Hof ’s-Gravenhage een korting van 30% op de totale vergoeding, terwijl de andere hoven de correctiefactor (de Z-factor) op 0,5 stelden.

Vandaag heeft de Hoge Raad zich over dit vraagstuk gebogen en uitspraak gedaan. Of een ontslag kennelijk onredelijk is, hangt volgens de Hoge Raad af van de omstandigheden van het geval. Het enkele feit dat de werkgever geen vergoeding heeft aangeboden, maakt een ontslag nog niet kennelijk onredelijk. De Hoge Raad oordeelt dat bij de berekening van de vergoedingen in een kennelijk onredelijk ontslag procedure de kantonrechtersformule niet mag worden toegepast. De toepassing van een standaard korting van 30%, zoals het Hof ’s-Gravenhage had geïntroduceerd, past hierin niet.

Vragen?

Neem dan contact op met:

Jeffrey Kenens ( This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it ), 071 – 5358086 / 06-22564959

Roos Koster-Mulder ( This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it ), 071 – 5358086 / 06-23313316

 
  • Nederlands (NL-BE)
  • English (United Kingdom)